‘Ik ga gewoon lekker snowboarden in Peking’
Melissa Peperkamp, 17-jarige freestyle snowboardster  

17 jaar, een buskruit vol energie en bepakt en bezakt met een hoop wijsheden. Freestyle snowboardster Melissa Peperkamp (17) wil de beste Nederlandse ooit worden op die discipline in Peking. 

“Ik deed eerst boardercross. Maar ik piekte te vroeg. Ik mocht op mijn vijftiende pas meedoen aan de World Cups, maar zat op mijn dertiende al op dat niveau. Ik zag geen uitdaging meer en ben toen overgestapt naar freestyle.” Het is de Utrechtse snowboardster Peperkamp ten voeten uit: hart op de tong, vol bravoure en zelfbewust.  

Haar moeder reisde jarenlang met haar mee naar sneeuwwalhalla’s door heel Europa. Nu niet meer. “Nee, mama heeft haar eigen leven in Nederland. Zij en papa betekenen enorm veel voor me, hebben me alles gegeven. Ik wil niks liever dan hen trots maken. Maar het is op deze leeftijd goed om elkaar wat meer los te laten.” 

Bla bla
Weer zo’n wijsheid, uit de mond van een 17-jarige. Het gesprek met Peperkamp is doorspekt met deze uitspraken. “Ik vind het zo wonderbaarlijk dat de media twee maanden voor de Olympische Spelen opeens allemaal komen. Ja, hallo, daar moet ik wel een dag voor vrijmaken als ze willen filmen. Vier maanden vooraf is dat geen probleem, maar daar denken zij niet bij na. Ik weiger nooit iets hoor, want vind het leuk om te doen en om de sport te promoten. Maar het valt wel op.” 

Ze noemt de Olympische Spelen ‘een mediacircus’. En daardoor groter dan de Jeugdspelen, waar ze vorig jaar zilver (Slopestyle) en brons (Big Air) won. “Verder zal het vooral door corona anders zijn. Bla bla dit, bla bla dat: er zijn zoveel regels. Het komt erop neer dat we naar de berg gaan, testen, trainen en dan weer terug onze bezemkast in.” Maar de Utrechtse kan daar wel mee leven. “We komen daar om lekker te snowboarden. De rest accepteer je.” 

Weinig zomervakanties

Dat ‘lekker snowboarden’ komt ook vaker terug in het gesprek. Haar weg naar de Olympische Spelen toe is niet per se uniek in Nederland. Ze begon als 6-jarige met snowboarden. “Mijn ouders hadden weinig met zomervakanties, dus gingen we drie of vier keer per jaar op wintersport.” Skiën vond ze al snel te saai en dus stapte ze over op snowboarden. “Ik begon met wat groepslessen. De jongens haakten daarin na dag één al af, die hadden te veel last van hun kont door het vallen. Ik ging door in een soort privéles, kon al snel mijn balans vinden en had controle over mijn snowboard.” 

Ze had talent, ging ook in Nederland trainen, viel op bij wedstrijden en kreeg een uitnodiging voor TeamNL. Tien jaar na haar eerste meters op de sneeuw is ze Nederlands kampioen, heeft ze een topvijfklassering op een World Cup én een met potlood geschreven uitnodiging voor de Olympische Spelen in haar achterzak. “Ik moet in de top 30 wereldwijd blijven staan om mijn kwalificatie te bevestigen, maar dat komt wel goed.” 

Afstand nemen

Op het moment dat we haar spreken, zit ze op een Zwitserse berg. “Ik ben vaak in het buitenland. Dat vind ik niet zo erg, want ik doe hier wat ik leuk vind. Maar ik hoef ook niet 365 dagen per jaar te snowboarden. Sommigen doen dat wel. De Australische Tess Coady bijvoorbeeld, zij is een vriendin van me. Zij is in de winter in Australië en zodra de sneeuw daar verdwijnt, komt ze naar Europa om de hele winter te snowboarden. Vet hoor, maar ik moet echt af en toe afstand nemen van de sport om het leuk te houden.” 

Ze merkt in de gesprekken met buitenlandse snowboarders het verschil in beleving per land. “Andere landen maken het veel groter. Bij ons is Niek van der Velden even opgehypet, maar verder krijgen we weinig aandacht. Schaatsen, wielrennen, voetbal zijn de hoofdsporten. Die krijgen zo veel publiciteit, de andere sporten niet echt. Dat is jammer, daarom vind ik het belangrijk om alle verzoeken aan te grijpen om de sport te promoten.” 

Heel gespannen

Dan, Peking. Het is voor snowboarders niet per se het summum, de Olympische Spelen. Maar wel een groot event. Peperkamp is tevreden als ze bij de beste 25 eindigt. “Want dan ben ik de beste Nederlandse snowboarddame ooit in deze discipline op de Olympische Spelen.” Maar ze verwacht tussen plek 7 en 15 te kunnen belanden, zeker bij de Slopestyle. “Alleen is het lastig in te schatten, want het niveau gaat keihard omhoog bij een Olympische Spelen. 

Ze bereidt zich in ieder geval niet anders voor dan voor bijvoorbeeld een World Cup. “Dat zou niet goed zijn.” Spanning zal ze wel voelen. “Ik ben voor elke wedstrijd heel gespannen. Maar dat heb ik nodig, daardoor presteer ik beter. Als het er niet zou zijn, dan ben ik bang dat ik mijn focus mis. Ik ga gewoon lekker snowboarden.” 

Tekst: Tim van Boxtel| SNOW

Beeld: Hidde Hageman | SNOW & LAAXOPEN_22